Zaandam > Nederlandse jood van de evacuatie op 17 januari 1942

DRILSMA (ABRAHAM)


Gezin Abraham Drilsma (Harlingen, 11-3-1899)1 en Rachel Drilsma-Groenstad (Amsterdam, 14-7-1900) met Roosje (Zaandam, 3-9-1927) en Leonard Adam (Zaandam, 18-5-1937)

 

Abraham Drilsma had een winkel in huishoudelijke artikelen, papier en schrijfwaren op de Gedempte Gracht 95, nu de Rozengrachtsteeg. Abraham begon in 1925, in het pand naast zijn ouders' winkel. Op 3 september van datzelfde jaar trouwde hij met Rachel Groenstad. Het kerkelijk huwelijk had drie dagen later plaats. Rachel kreeg bij die gelegenheid een in leer gebonden Duits gebedenboek ('siddoer'). Na twee jaar werd dochter Roosje geboren. Vermoedelijk stond Abraham eerst bij zijn vader in de zaak. Evenals de familie Pais* stond het gezin bij de Duitse vluchtelingen die na 1933 naar Zaandam kwamen als 'hartelijk' bekend. Roosje wordt door een toenmalig vriendje herinnerd als een heel lief en speels kind. De kinderen speelden op de demp tussen de Gedempte Gracht en het toenmalige Dampad. Roosje ging in september 1940 naar de eerste klas van het Gemeentelijk Lyceum.

 

Oorlog

In oktober 1940 moest Drilsma zijn winkel bij de Wirtschaftsprüfstelle als 'joodse onderneming' laten registreren. Een politieaantekening van 16 januari 1941 werpt licht op economisch antisemitisme door een niet-joodse collega, die dreigt met inschakeling van de Duitse politie: "16 Januari 1941 te 2.30 uur n/m deelt Abraham Drilsma, oud 42 jaar, koopman, wonende alhier, Gedempte Gracht no. 95, mede, dat hij heden een brief heeft ontvangen, onderteekend door J. Kalf, Zeemansstraat no. 63, waarin hem wordt beticht, dat hij nog heden van Kalf een partij boterhammenpapier moet kopen tegen de prijs van fl. 50,- per 1000 rollen. Doet hij zulks niet en stelt hij Kalf niet nog heden voor fl. 5,- schadeloos, dan zal deze (Kalf) aan de Ordnungspolizei doorgeven, dat Drilsma wèl 1000 rol à fl. 40,- wil koopen, doch niet tegen den prijs van fl. 50,-. Volgens Kalf zou Drilsma zich dan, indien hij de rollen voor fl. 40,- per 1000 stuks zou koopen, schuldig maken aan prijsopdrijving. De rechercheur v/d Wulp onderzoek."2

In maart 1941 vond de 'arisering' van de winkel plaats: de zaak moest aan een niet-joodse bewindvoerder worden overgedragen. In augustus moest het gezin geld, giro- en banksaldi en effecten afstaan aan de roofbank 'Liro' (Lippmann-Rosenthal). Op 1 september 1941 werd joodse kinderen de toegang tot school ontzegd. Roosje ging vervolgens naar het Joodsch Lyceum in Amsterdam, en zat daar met Alfred Führer* in klas IIb.3 Haar Zaandamse vriendje begreep niet dat ze plotseling weg was en waarom in de zaak van haar vader een Verwalter was aangesteld.

 

Amsterdam

Bij de politiemutaties van begin 1942 staat de vraag van K. Kat om Drilsma's perceel 'vrij te geven'. Het pand, eigendom van een levensverzekeringsmaatschappij, was na de gedwongen verhuizing blijkbaar geruimd. Een politierapport van 1 september 1942 meldt dat jongens bezig waren om in te breken in de (lege) winkel. Het gebeurde vaker dat er pogingen werden gedaan de leegstaande woningen van joodse gedeporteerden te plunderen.

 

Deportatie

De inbraakpoging vond plaats toen het gezin Drilsma-Groenstad al naar Auschwitz was gedeporteerd. Dat gebeurde namelijk in augustus 1942. Zij hoorden vermoedelijk tot degenen die al voor de eerste ophaalacties waarbij joden werden opgesloten in de Hollandsche Schouwburg (14 oktober 1942) een 'Oproeping' kregen of ze werden in een razzia opgepakt. Ze deelden het lot van de grote meerderheid van joodse burgers die niet het geld, de relaties of de wil hadden om aan beschermende stempels te komen die tot uitstel konden leiden. Onderduiken was op dit tijdstip van de oorlog vaak nog moeilijker. En men werd toch alleen voor 'werkverruiming' opgeroepen?

Rachel (42) en haar kinderen Roosje (14) en Leonard (5) werden op 26 augustus 1942, direct na aankomst in Auschwitz, door vergassing om het leven gebracht. Zij waren het zesde, zevende en achtste Zaanse slachtoffer van de Duitse volkerenmoord. Abraham (43) werd voor 'arbeid' geselecteerd en kwam vijf weken later om het leven, op 30 september.

 

1 Aufstellung nr. 10 (4 pers.); Evacuatierapporten; Rechnung Zentralstelle; G5-6; Gezinskaart; www.joodsmonument.nl; Adresboek voor de Zaanstreek 1941

2 GAZ SA Zaandam 175 - politierapporten

3 NIOD, archief Joodsch Lyceum, 'Veranderingen in leerlingenlijst 1941-'42'

 


Laatste bewerkingsdatum: 2011-12-01


Het gezin Drilsma-Groenstad voor hun vakantiehuisje aan zee (www.joodsmonument.nl)


Roosje en Leonard Drilsma (www.joodsmonument.nl)


Abraham Drilsma met zijn gezin (collectie B. Drilsma)

 

17 januari 1942

Op 17 januari 1942 moet het gezin alles achterlaten. De agent van dienst noteert bij 'koopman' A. Drilsma vier personen, checkt hun weinige bagage aan de hand van de inventarislijst, neemt die lijst samen met de huissleutels in en verzegelt de woning. Het huis is eigendom van Abrahams vader en zal worden afgenomen. Het bedrijf, vermoedelijk gemeenschappelijk eigendom van vader en zoons, staat op Abrahams naam en wordt uiteindelijk geliquideerd. De inboedel, met een geschatte waarde van ruim 200 gulden, wordt binnen drie maanden opgehaald.