Wormerveer > Joodse onderduiker

ENGELANDER-HAGENAAR (SOPHIA)


Sophia Engelander-Hagenaar met haar dochter Elisabeth ('Lies') (1922) en pleegzoon Emanuel Klinkhamer1

 

De Amsterdamse familie Engelander dook na een razzia onder bij de familie Kuyt in Wormerveer.

 

Koffiehuis

Lies woonde als enig kind met haar ouders op de Transvaalstraat 102. Haar vader had een koffiehuis op de Albert Cuypstraat 129, 'Marktzicht'. Toen hij daar op last van de Duitsers mee moest stoppen, kreeg hij via het Marktwezen het aanbod om de koffie te verzorgen in het clubgebouw van speeltuinvereniging Amsterdam-Zuid. Haar moeder was fijn-borduurster, met werk aan huis. Het gezin was joods, maar niet vroom.

 

Concentratiekamp

De 18-jarige Lies werkte in 1940 op kantoor. In het koffiehuis werden valse bonkaarten verhandeld, iets waarmee vader Kuyt niets te maken had. Maar toen de Duitsers op een gegeven moment een inval deden, arresteerden ze ook hem. Hij zat drie weken in Scheveningen in voorarrest en werd tijdens een proces veroordeeld tot twee jaar cel. Hij stierf in een Duits concentratiekamp aan 'longontsteking'.

 

Razzia

Op 14-7-1942 was er een razzia in Amsterdam-Oost, waarbij joden werden weggevoerd. Lies belde naar huis, omdat ze bang was dat haar moeder en een pleegkind (de baby van haar tijdens de bevalling overleden tante) waren weggehaald. Dat bleek overigens niet zo te zijn. Maar op dat moment was bij toeval de Zaanse familie Kuyt op bezoek, familieleden van Lies' latere echtgenoot. Ze hadden al eens onderdak aangeboden als dat nodig mocht zijn. Moeder Engelander pakte haar handtasje en haar pleegkind en vertrok onmiddellijk met de familie Kuyt, na via de telefoon te hebben gezegd dat Lies daar ook heen moest komen. Lies reisde van de Vechtstraat met de tram naar het Centraal Station. Omdat ze daar als gevolg van aanwezige Duitsers en politie niet in kon, nam ze de Zaandammer boot en ging vervolgens van Zaandam met de bus naar Wormerveer.

 

Negen kinderen

Naast het verenigingsgebouw van Wessanen was een oude, houten woning, waar de familie Kuyt woonde, met vanaf dat moment negen kinderen onderdak. Het gezin Engelander bleef er anderhalf jaar. Lies is nog één keer terug geweest in haar ouderlijke woning, samen met de familie Kuyt, om er de borduurmachine van haar moeder en wat persoonlijke spullen op te halen. Na anderhalf jaar waarschuwde een politieman voor een aanstaande huiszoeking, reden om onmiddellijk te vluchten. Ze kwamen tenslotte terecht bij de zuster van Lies' latere echtgenoot -ook een Kuyt-, maar moesten ook daar na negen weken weg omdat er huiszoekingen in de buurt plaatsvonden. Vervolgens belandden ze veertien dagen bij een zus van moeder Engelander, maar daar dienden ze eveneens te vertrekken. Op een avond hebben ze hun onderdak verlaten, per roeiboot. Lies' latere zwager bracht hen naar Zaandam, van waar ze naar hun oude onderduikadres liepen. In oktober 1944 belandden ze bij een nicht, om uiteindelijk weer op het eerste schuiladres te belanden. Daar maakten ze de bevrijding mee.

 

1 Walda, D. Amsterdam-Zuid in oorlogstijd; NIOD-archief 185b, inventarisnummer 96


Laatste bewerkingsdatum: 2009-08-25


Wormerveer 1940