PAIS (ARON)
Gezin Aron Pais (Harlingen, 5-3-1866)1 en Rebecca Pais-Blitz (Amsterdam, 14-7-1873)
Het echtpaar Pais trouwde op 17 juni 1897 in Harlingen. Hij was Portugees-Israëlitisch, zij Nederlands-Israëlitisch. Op 17 juni 1896 kwam Pais als 'koopman', aanvankelijk straathandelaar, naar Zaandam en ging wonen aan de Hoogendijk 41. Negen jaar later verhuisde hij met zijn vrouw naar nummer 72 en tenslotte, op 27 maart 1909, trok het gezin naar nummer 30. Hun winkel heette toen Magazijn De Kotter, Scheepsbehoeften Pais Jzn. Er was ook een Opslagplaats Pais, achter de Czaar Peterstraat, bij de niet meer bestaande Koesteeg.
Tien kinderen
In 1900 stond Aron Pais in Zaandam bekend als koopman in oud touw en leer. Hij behoorde toen tot de minst verdienende joodse Zaandammers. Alle tien zijn kinderen werden in Zaandam geboren. Acht van hen bleven in leven: Jozeph of Joseph* (26-11-1898), Elisabeth ('Lies') (6-3-1900), Abraham* (12-3-1902), Levie* (26-7-1904), Salomon (27-6-1905), Benjamin* (25-3-1907), Gabriël (21-8-1910) en Adam (12-3-1917). De tweeling Henrik Wladimir en Albrecht Ernst (1913) overleed binnen een maand na de geboorte. De Sjoa zou hun ouders, vier kinderen en het merendeel van hun gezinsleden het leven kosten.
De zoons
De familie woonde dus vanaf 1909 op Hoogendijk 30, vlakbij de Czaar Peterstraat. Zoon Jos schoof door naar het naastgelegen grote hoekpand, op nummer 28a/b. Daar was vanaf eind twintiger jaren zijn toen bekende zaak in fietsen, annex fietsenstalling. Levie Pais nam Magazijn De Kotter over van zijn vader. Hij woonde met zijn ouders en de andere, nog ongetrouwde kinderen boven en achter de winkel. Abraham huwde in 1929 een dochter van Adam Drilsma* en begon in Wormerveer een eigen zaak in scheepsbenodigdheden. Benjamin woonde vanaf 1921 in Harlingen, waar hij trouwde met Sara Boas. Rond 1935 keerde hij met zijn gezin terug naar Zaandam. Salomon Pais ging in 1929 naar Koog aan de Zaan. Hij trouwde met de niet-joodse Jannetje Bakker (Assendelft, 1907). Salomon was 'filiaalhouder A. Heijn'. Het echtpaar had een winkel aan de Raadhuisstraat 17. In 1932 werd hun zoon Gerard geboren. In april 1938 verhuisde het gezin naar Amsterdam, Niersstraat 2. Gabriël ging in 1932 naar Wijk aan Zee en begon een winkel in Beverwijk. Het jongste kind, Adam, vertrok in 1936 naar Amsterdam, maar woonde in januari 1942 waarschijnlijk weer thuis.
Vluchtelingen en oorlog
De familie Pais stond bij de Duitse vluchtelingen die vanaf 1933 naar Zaandam kwamen als hartelijk bekend. Rudolf Kaplan* woonde in 1937 korte tijd bij Aron Pais. Aron en Rebecca Pais, hoofden van een bloeiende nieuw-Zaanse familie, verloren vanaf juli 1940 door de 'arisering' van hun winkel, onteigening van geld en saldi en tal van andere maatregelen veel van hun bezittingen en rechten. Op 17 januari 1942 moesten zij met de nog thuis wonende kinderen Zaandam verlaten. In het onbeheerde pand 'van de Israëliet Pais' aan de Hoogendijk 30 sprong op 15 maart de waterleiding. Het werd bij de politie gemeld2, die het doorgaf aan de familie Pais in Wormerveer, zoon Abraham.
Amsterdam
Het echtpaar Pais woonde in december 1942 aan de Amsterdamse Nieuwe Achtergracht 12 I, samen met vier leden van de familie Da Silva Rosa.3 Onder hen, op nummer 12, was in oktober 1942 Marcus Degen* geboren. Hij zou als baby onderduiken in Zaandam. In mei 1943 leefden vader en moeder Pais met drie medebewoners op het adres Muiderstraat 9 hs.
Deportatie ouders
Bijna zeker hoorde het echtpaar tot de groep van wellicht dertig Zaankanters die bij de grote razzia van 26 mei 1943 zijn opgepakt. De gearresteerden moesten naar een terrein bij het Muiderpoortstation. Na urenlang wachten, werden ze met een speciale trein naar Westerbork vervoerd. Daar hoorden Aron en Rebecca Pais op 1 juni in een van de overvolle barakken om 3.00 uur 's morgens hun naam en geboortedatum voorlezen. Ze moesten de barakkenleider met 'ja' antwoorden, waarna ze tot 7.00 uur de tijd kregen om in te pakken en afscheid te nemen. Na een controle door de ordedienst moesten ze met veertig anderen naar een van de veewagens. Het oude echtpaar Pais ging met het door journalist Mechanicus indringend beschreven 1 juni-transport van 3.050 'schunnige landverhuizers' naar Sobibor. Drie dagen later werden Aron Pais en Rebecca Pais-Blitz vrijwel onmiddellijk na het welkom aan de volledig uitgeputte reizigers door vergassing omgebracht. Aron was 77, Rebecca 69 jaar.
Lies
Het is mogelijk dat Lies Pais op 17 januari 1942 aanwezig was bij de 'evacuatie'. In december van dat jaar woonde ze niet meer bij haar ouders in Amsterdam. Zij trouwde met een niet-joodse man.
Adam
Adam Pais is waarschijnlijk ook op 17 januari 1942 met zijn ouders uit Zaandam verdreven, waarna hij in Amsterdam een eigen onderdak vond. Hij wist lang uit de handen van de Duitse en Nederlandse autoriteiten te blijven. Zijn vroegere buurman J. Dekker, die het hoorde van een oud-medewerker van Jacques Snoek* Stoffenhandel, vertelde dat hij tijdens de oorlog een tijd bij zijn oom Abraham* in Wormerveer verbleef. Hij zou van daar zijn gaan dansen in Ons Huis in Zaandam. Op zondag 3 september 1944 werd hij van Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd, vermoedelijk als strafgeval.
Auschwitz
De 28-jarige Adam kwam net als vijftien andere uit de Zaanstreek afkomstige joden terecht in het ontruimingsproces van Auschwitz. Al vanaf augustus 1944 was de SS bezig het reusachtige kamp te evacueren in verband met de nadering van Sovjettroepen. Ongeveer 120.000 gevangenen werden per trein, te voet of op gecombineerde wijze de resten van het Duitse Rijk ingestuurd. Tijdens de tochten was er onvoldoende eten, drinken, schoeisel en kleding. De slachtoffers werden soms geslagen of beschoten. Het einddoel: andere kampen. De aftocht strekte zich uit over enkele maanden en verliep vaak dramatisch. De grootste groep gevangenen, zestig- tot negentigduizend mensen, werd tussen 17 en 19 januari 1945 op 'dodenmars' gezonden.4
Ebensee
Adam Pais kwam in Ebensee terecht, een buitenkamp van het Oostenrijkse kamp Mauthausen. Daar overleed hij drie weken voor de bevrijding, op 14 april 1945. Hij was de laatste van de Zaans-Friese familie Pais die in de genocide omkwam. Toen de nabestaanden via het Rode Kruis het overlijdensbericht kregen, plaatsten zij een advertentie in dagblad De Typhoon: "Door beulshanden is vermoord Onze Broer, Zwager en Oom."5
Gabriël
Gabriël Pais werd het eerste familieslachtoffer van de Holocaust. Hij woonde in maart 1942 op de Cornelis Matersweg 2 in Beverwijk en werd aan het begin van de deportaties in Auschwitz vermoord, op 30 sept. 1942. Zijn vrouw overleefde.
Benjamin en Abraham
Op 8 juni 1943, een week na Aron en Rebecca Pais, ging hun schoondochter Sara Pais-Boas met haar drie kinderen Rebecca, Gabriël en Dina op transport naar Sobibor. Haar man Benjamin* volgde
op 20 juli met de laatste Nederlandse trein naar dit KZ. Abraham Pais* en zijn gezin zouden begin 1944 in Auschwitz worden gedood.
Overlevenden
Salomon Pais en zijn gezin overleefden. Dat gold ook voor Jos*, Lies en Levie*.
1 Aufstellung nr. 58 (4 pers.); Evacuatierapporten; Rechnung Zentralstelle; H3; H5-9; G23-25; Gezinskaarten; www.joodsmonument.nl
2 GAZ, SA Zaandam 175
3 www.joodsmonument.nl
4 VVN Bund der Antifaschisten, Ausgewählte Probleme aus der Geschichte des KL Auschwitz (p. 108); Goldhagen D.J. Hitler's willing executioners. Ordinary Germans and the Holocaust (p. 329): de auteur noemt het getal 90.000
5 H9. Hier wordt Adams leeftijd abusievelijk opgegeven als 26
17 januari 1942
Op de lijst van huiseigenaren is Aron Pais Josephszoon vermeld als bezitter van de panden Hoogendijk 28 en 30. Zijn naam komt ook voor op de lijst met bedrijven. Op 17 januari 1942 staan hij en zijn zoon Jos op het briefje van rechercheur Van der Kraan. Het gaat bij Aron om een gezin van vier of vijf personen. Vermoedelijk wonen Lies en Adam op dat moment bij hun ouders. In het overzicht van eind januari met de aantallen geëvacueerden staan bij de vier Zaandamse families Pais correcties aangaande de grootte van de gezinnen. De politie komt er niet uit. Hoewel bejaard, vraagt of krijgt Aron geen toestemming om met zijn vrouw in Zaandam te blijven. Het gezin vertrekt naar Amsterdam, met alleen handbagage bij zich. Huizen en bedrijf zullen aan de bezetter vervallen. De inboedel, op een waarde van 169,50 gulden geschat, wordt voor 21 april weggehaald.