Corper (Joseph)

Laatste wijziging: 25 april 2016

Joseph (‘Jopie’) Corper (Amsterdam, 8-1-1919 Auschwitz, 31-1-1944)1

Joseph Corper woonde het eerste oorlogsjaar met zijn ouders en zus Hanna Flora in de Amsterdamse Swammerdamstraat 25 II. Net als hen zou hij de oorlog niet overleven, ondanks een onderduikperiode in onder meer Zaandam.

Arbeiderspers
Joseph werkte als journalist bij het Zaans Volksblad, de Zaanse editie van dagblad Het Volk. Hij was gestationeerd bij het filiaal van de Arbeiderspers in Zaandam, dat zich bevond aan de Wilhelminastraat 23 (na de door de Duitsers verplichte hernoeming werd dat de Raadhuisstraat; aan levende leden van het Nederlandse koningshuis mocht niet worden gerefereerd). De Arbeiderspers kreeg opdracht om per 25 januari 1941 de joodse medewerkers te ontslaan. Van de zeven Zaandamse medewerkers kwam alleen Joseph Corper in aanmerking. Bedrijfsleider Dirk van Onselder kreeg per vertrouwelijke brief d.d. 28 januari van hoofd personeelszaken H. Jansen de taak om Corper weg te sturen. “Ingesloten doen wij  toekomen een ontslagbrief voor den heer J. Corper, die op last van de Duitse autoriteiten met ingang van morgen moest worden ontslagen, met verzoek voor uitreiking aan hem wel te willen zorgdragen.” Corper kreeg nog wel drie maanden lang een half maandsalaris van de Arbeiderspers. Van Onselder zou later Marcus Lewin* aan een onderduikadres in Zaandam helpen.

Blees

Joseph kreeg een nieuwe baan, bij de Zaandamse (kantoor-)boekhandel K. Blees Gzn. De baan was van korte duur, van 5 maart tot 31 december 1941. In een briefje liet eigenaar Blees op 5 januari 1942 weten dat zijn medewerker ‘tot onze volle tevredenheid’ zijn werk had verricht, maar ‘op zijn eigen verzoek’ was vertrokken.

Huwelijk
Joseph trouwde op 18 januari 1942 met de japonnenknipster Jans Kolm (Amsterdam, 26-12-1918). Zij woonde bij haar ouders in de Amsterdamse Krugerstraat 3 II. De inzegening van het huwelijk vond later dat jaar plaats. In een uitnodiging aan zijn Zaanse oud-collega’s van de Arbeiderspers schreef Joseph: “Door bijzondere -u bekende- omstandigheden is de inzegening van ons huwelijk vervroegd en wordt nu gehouden op dinsdag 5 mei a.s. in het kerkgebouw Rapenburgerstr. 173.” Op 7 juli stuurde Joseph aan Van Onselder een dringend verzoek om langs te komen. Zelf mocht hij de hoofdstad niet meer verlaten. “Tot nog toe is alles hier goed. Let wel: tot nog toe!” Dat bleef niet zo.

Lees meer

Razzia

Op 2 oktober 1942 werd tijdens een razzia als eerste zijn vader opgepakt. Een dag later werd ook zijn moeder opgehaald. “Huilend verliet zij haar woning, waarin zij nu ruim 25 jaar gewoond had”, schreef Joseph Corper begin januari 1943 aan Van Onselder. “Haar woning, waarin zij twee kinderen -mij en Hansje- het levenslicht deed aanschouwen, waarin zij 25 jaar lief en leed met vader en ons had gedeeld. Haar woning, waaruit zij nu, die derde oktober 1942, als een misdadigster, erger nog, als een hond, neen toch, als een Jodin, werd gevoerd, weg naar een onbekende bestemming.”

Onderduik

Joseph dook vervolgens met behulp van zijn Arbeiderspers-collega Greetje Stolp onder. Zij bezorgde hem in 1942 een plek in haar ouderlijke woning aan de Belgischestraat 27 in Zaandam. Er werd voor Joseph en Jans een nieuwe identiteit georganiseerd, inclusief de noodzakelijke documenten en een huisje in een Noord-Hollands dorp. Maar Jansje kon niet tegen de druk en zei: “Polen kan niet zo erg zijn als dit opgejaagde leven.” In het voorjaar van 1943 verbleef het echtpaar Corper weer in Amsterdam, zo blijkt uit correspondentie. Maar uit twee bewaard gebleven kaarten aan Van Onselder, bedankjes voor toegestuurde voedselpakketten, is op te maken dat ze in juni en juli 1943 opgesloten zaten in kamp Vught. Het echtpaar had zich ‘vrijwillig’ bij de autoriteiten gemeld en belandde uiteindelijk via Westerbork in Auschwitz. Daar stierven ze op 31 januari 1944. Ook de ouders en enkele andere gezinsleden van Jans en Joseph overleefden de jodenvervolging niet.

Voetnoten

1 www.joodsmonument.nl; www.archiefoosterhuis.nl; IISG-archief Arbeiderspers, nummer 172; Verzetsmuseum Amsterdam, dossier-Van Onselder