Duis-IJzerman (Millie/Marianne)

Laatste wijziging: 25 april 2016

Marianne (‘Millie’) Duis-IJzerman (Amsterdam, 20-8-1914) en haar dochter Judith (Koog aan de Zaan, 1-6-1941)

Marianne Duis kon met haar dochter geruime tijd onderduiken bij haar zwager Herman Duis, die aan de Zandweg 56 woonde.

Broer
Na in april 1942 vanuit Zaandijk te zijn ‘geëvacueerd’ naar Amsterdam kreeg eerst Willem Duis en vervolgens ook zijn vrouw en dochter een schuilplaats bij Arend Luik, Hazepad 13 in Zaandijk. Na enige tijd dook het gezin Duis onder in de hoofdstad, op de Herengracht. Hoe lang ze daar bleven is niet bekend, maar Willem Duis verklaarde tijdens het naoorlogse proces tegen zijn van collaboratie verdachte broer Herman dat die zijn dochter Judith ‘gedurende 2,5 jaar zeer liefdevol in zijn gezin heeft opgenomen’. Of die 2,5 jaar helemaal juist is, zou men overigens op grond van andere bronnen kunnen betwijfelen.

Kleiman
Het lijkt er op dat niet alleen Judith, maar ook haar moeder tijdelijk een plek kreeg in het huis van de gemengd gehuwde Herman Duis. Verzetsman Gerard J.H. de Leeuw uit Haarlem sprak over twee joden die hij bij Duis in Wormer ontmoette: “Ondergetekende verklaart dat hij in de zomer van 1944 minstens één keer een bezoek heeft gebracht aan de woning van J. Duijs, Zandweg 56 te Wormer, in verband met een verzoek van de kant van Duijs ter zake van persoonsbewijzen, dat hij zeker weet aldaar aangetroffen te hebben een vrouw en een kind van joodse afkomst, met welke vrouw hij overleg gepleegd heeft.” Herman regelde ook de persoonsbewijzen en distributiepapieren voor het echtpaar. Hij had daartoe meermalen contact met de in illegale documenten gespecialiseerde drukkerij Kleiman in Zaandijk.

Na de bevrijding
Na de bevrijding legde de Wormerveerse verzetsvrouw Dymphna Cornelia van der Maeden een verklaring af over Herman Duis: “Na de capitulatie der Duitsers in mei 1945, vervoegde Duis zich bij [hulporganisatie] Nederlands Volks Herstel, alwaar ik als kantoorbediende werkzaam was. Hij vroeg ondersteuning omdat hij, zoals hij vertelde, een jodenkind bij hem thuis had en onderhouden moest. Genoemde ondersteuning werd hem echter geweigerd, omdat wij allen in de veronderstelling waren, dat hij zeer veel geld bezat, hetwelk hij vermoedelijk aan de Duitsers had verdiend.”
Het gezin Duis-IJzerman overleefde de genocide.

Zie verder Willem Duis* in Zaandijk.