Heller (Klaus en Ullrich)

Laatste wijziging: 26 april 2016

Klaus (Aschaffenburg, 17-5-1929) en Ullrich Heller (Aschaffenburg, 1931)1

Klaus en Ullrich vonden in 1943 met hun ouders een schuilplaats in Krommenie. Omdat de risico’s daar te groot werden, gingen de twee zonen tijdelijk naar het gereformeerde echtpaar Klaas Kramer (Wormer, 3-12-1919 – 1996) en zijn echtgenote Anna Kramer-de Vries (1917-2008), wonend aan de Badhuisstraat 10. Mevrouw Kramer-de Vries kwam oorspronkelijk uit Krommenie. Haar man hield zich tijdens de oorlog niet alleen bezig met het verlenen van onderdak aan de Hellers, maar was ook onder meer betrokken bij het aan de Duitsers onttrekken van machineonderdelen van de Van Gelder-papierfabriek, waar hij als werktuigbouwkundige werkte.

Baby

De Kramers waren nog maar kort tevoren getrouwd en hadden een baby toen Klaus en Ullrich kwamen. De jongens zaten de hele dag op zolder en mochten ’s avonds naar beneden komen. Dan gaf Klaas Kramer hen les en leerde hij hen schaken. Op een dag belde de buurvrouw ’s avonds aan en attendeerde het echtpaar Kramer op het feit dat de beide onderduikers boven voor de ramen stonden, hetgeen uiteraard levensgevaarlijk was.

Hondema

Het contact over de broertjes Heller liep via Sjoerd Hondema van de Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers (LO) aldaar. Toen ook het adres in Wormer ongeschikt werd, ging Klaus (schuilnaam ‘Klaas van Delden’) door naar Tromp en Trijntje Bakker in Krommenie, terwijl hun plaatsgenoten Henk en Cato Leguijt Ullrich (alias ‘Roel van Delden’) opnamen. Klaus, Ullrich en hun ouders overleefden de oorlog.

Zie verder gezin Heller* in Krommenie.

Voetnoten

1 Hondema sr., J. Herinneringen aan de jaren 1940-’45; Yad Vashem-plechtigheid Zaandam (11-5-2006); Informatie van Klaas Kramer uit Heerenveen (25-1-2012) en Martijn Kramer (12-9-2013)