Lowitz (Erich)

Laatste wijziging: 27 april 2016

Erich Lowitz (Berlijn, 2-11-1903)1

Deze inwoner van Koog aan de Zaan komt in geen enkele Zaanse gemeentelijke opgave voor. Zijn naam valt wel in de correspondentie met de Rijksinspectie van de Bevolkingsregisters. Ook is er een verzoek van hem bekend uit het voorjaar van 1940 waarin hij de Zaandamse politie vraagt om een ‘vergunning tot het venten met chocolade, pepermunt, koek, enz’. De politiecommissaris adviseert het plaatselijk college positief, maar B&W besluiten op 10 mei 1940, de eerste oorlogsdag, om het verzoek af te wijzen.

Gedeeltelijke aanmelding

Lowitz woonde bij A. Mol, op de Vioolstraat 36. Hij was ‘van joodschen bloede’, maar had geen aanmeldingsformulier ingevuld. Wel had hij op 1 maart 1941 -zes dagen na de sluitingstermijn- een briefje geschreven met antwoorden op alle vragen van het formulier. Lowitz was volgens dat briefje pianostemmer en reparateur. Hij was in 1933 uit Berlijn-Charlottenburg gekomen, waar hij woonde op de Neue Kantstrasse 25 I. Hij was gescheiden van Charlotte Wollstein. Voor noch na 9 mei 1940 was hij kerkelijk-joods geweest en evenmin met een joodse vrouw getrouwd. Hij had twee joodse grootouders. Zijn vader was van joodse afkomst, zijn moeder protestants. Volgens het briefje was Erich Lowitz naar nazi-classificering dus halfjoods.

Naaister

Wanneer de scheiding een feit werd is onbekend, maar de voljoodse Charlotte (Sara) Wollstein (Sommerfeld, 24-06-1906), naaister, had zichzelf in februari 1941 te Amsterdam nog aangemeld als voljoods en was gehuwd met Erich Lowitz.2 Ze gaf het adres Kromme Mijdrechtstraat 92 hs op. Hoofdbewoners waren tandarts Richard Kahn en zijn vrouw Karola Voss, borduurster, beiden uit Dortmund.3 De datum van het uitgereikte Bewijs van aanmelding is 27 maart.

Scheiding

Men kan aannemen dat Charlotte en Erich pas na de eerdere aanmelding in Amsterdam als ‘gehuwd’ beseften dat Erich door scheiding halfjoods zou kunnen worden. Er moest dus een scheiding worden geregeld en een betrouwbare gemeente gevonden waar een nieuwe aanmelding kon worden gedaan. Erich verhuisde formeel naar Koog aan de Zaan, vulde een zelfgemaakt formulier in, zette er de datum 1 maart op en liet dit bewijs van halfjoods zijn door een bekende in Zaandam bij de secretarie van Koog bezorgen. De gemeente ontving de tekst op 4 april 1941. Koog deed geen poging om Lowitz als halfjood in te schrijven of op te sporen. Het papier werd doorgestuurd naar de Rijksinspectie.

Lees meer

Rijksinspectie

Die probeerde van Lowitz commentaar te krijgen en stuurde zijn briefje terug, per adres de heer Mol. Die ging daarop naar het raadhuis. Nu lag de zaak toch bij de gemeente. De burgemeester schreef de Rijksinspectie op 25 april dat de heer Lowitz ‘door een tusschenpersoon’ was aangemeld en ‘al geruime tijd onbekend’ was. Op 13 mei eiste de Hoofdinspectie opsporing. Elke jood of halfjood moest immers altijd te traceren zijn. Drie dagen later antwoordde Koog dat het briefje op straat was overhandigd en dat de politiecommissaris van Zaandam geen informatie kon geven. Men adviseerde de Inspectie een oproep te doen in het politieblad.

Purmerend

De (ongetwijfeld geïrriteerde) reactie van het Hoofd van de Rijksinspectie is niet bewaard gebleven. Wel is er een brief van de Purmerendse burgemeester Kikkert d.d. 15 maart 1941 met daarop de getypte namen van achttien joodse inwoners van zijn stad. Er is een negentiende naam bijgeschreven; Lowitz, Erich Israel. De geboortedatum en -plaats komen overeen met de ‘Zaanse’ Lowitz en bovendien vermeldde de burgemeester dat hij uit Koog aan de Zaan kwam en op dat moment woonde in de Hugo de Grootstraat 41. Daar zou ook de eveneens joodse Arnold Kaiser verblijven. Maar op 8 juli 1941 deelde de gemeente Koog aan de Zaan mee aan J.L. Lentz, het hoofd van de Rijksinspectie, dat Erich Lowitz in de Bijlmermeer A 88 te Weesperkarspel woonde. Blijkbaar was hij opnieuw verhuisd. Meer is niet bekend.

NSF

Op een bewaard gebleven overzicht van het Nationaal Steunfonds komt de naam ‘Löwitz’ voor, met daarachter de aantekening ‘Berlijn?’. De kans is groot dat het gaat om Erich Lowitz. Volgens het overzicht zat ‘Löwitz’ ondergedoken op het Blauwepad in Zaandam en kreeg zijn onderdakgever van het NSF maandelijks 65 gulden voor de eerste levensbehoeften van zijn gast. De naam Löwitz komt ook voor op enkele naoorlogse overzichten van de Zaandamse NSF-medewerker Dirk van Onselder. Als adres is daar Westzijde 227c vermeld.

Vervolg

Zowel Erich Lowitz als Charlotte Wollstein overleefden de Holocaust. Het echtpaar Kahn-Voss kwam in de Sjoa om het leven. Zo ook een verwant van Charlotte, fabrikant Heinz Joachim Wollstein met zijn Nederlandse vrouw Sara Tak.

Voetnoten

1 Correspondentie gemeente Koog aan de Zaan met het Hoofd van de Rijksinspectie van de Bevolkingsregisters (1941); Gemeentearchief Wormer; inventarisnummer 1458; Vereniging Historisch Purmerend (mei 2005); Informatie van Erik Schaap (november 2011)

2 Archief Cor van den Berg, Zaandam

3 www.joodsmonument.nl