Overbeek-Löwenstein (Hanna/Anna)

Laatste wijziging: 27 april 2016

Gezin Hanna (‘Anna’) Overbeek-Löwenstein (Amsterdam, 21-5-1891)1 en Jacob Overbeek (Alkmaar, 5-12-1891) met Reinerus (21-8-1917) en Jan (24-1-1927)

Anna was een dochter van Mozes Löwenstein* en Martha Löwenstein-Soesman* uit Zaandam. Het echtpaar had tien kinderen, van wie er drie vroeg overleden. De meeste kinderen trouwden met een niet-joodse partner. Anna’s zuster Sophia Löwenstein* woonde sinds 1922 in Koog, Bets Löwenstein* zou na 1942 komen. Anna trouwde de niet-joodse Jacob Overbeek. Beiden hadden volgens de gezinskaart ‘geen’ godsdienst. Het echtpaar kwam met hun twee zoons in 1935 uit Zaandam en ging in Koog aan de Zaan op de Anemoonstraat 11 wonen. Jacob was handelsreiziger. Reinerus ging werken bij de marechaussee.

Aanmelding

Het gezin leverde op 18 februari 1941 op het raadhuis drie aanmeldingsformulieren in voor burgers van joodsen bloede. Anna vulde vier (of minimaal drie) joodse grootouders in, in tegenstelling tot haar zuster Sophia. Op 20 maart kreeg het gezin de Bewijzen van Aanmelding. Anna kreeg een J op de persoonskaart (en later op het persoonsbewijs), de jongens GI.

Maatregelen

Op de burgemeesters- en politielijst van maart 1942 staat alleen Anna’s naam. Zij en haar gezinsleden hoefden echter op 30 maart 1942 niet naar Amsterdam te vertrekken. De inboedel en kostbaarheden werden desondanks wel geïnventariseerd. Met de kinderen komt Anna voor op de opgave van juli, die bevestigde dat zij terecht niet naar Amsterdam hoefden te gaan. De gemeente noteerde in correspondentie met het Gewestelijk Arbeidsbureau bovendien dat Jacob Overbeek niet bij de joden hoorde die Arbeitseinsatz moesten leveren. Ook dit echtpaar liet zich dat jaar als gemengd gehuwd registreren. Jacob Overbeek reisde met zijn schoonouders mee van Zaandam naar Westerbork toen zij hun oproeping kregen. De man van zijn schoonzuster Louise had een schuilplaats voor Mozes en Martha, en wilde hen op Amsterdam CS meenemen. Jacob vond het risico van onderduiken echter te groot. Dat van Westerbork bleek groter.

Vervolg

Het gezin Overbeek overleefde de Holocaust. Reinerus was een tijd lang krijgsgevangene in Polen. Na de oorlog werd hij politieman.

Voetnoten

1 Aanmeldingslijsten maart 1941, nummer 1 (2 pers.) en 2 (Reinerus), en najaar 1942, nummer 8-10; Burgemeesterslijst nummer 21; Politielijst elfde adres; Opgave gemengd geh.uwden juli 1942 nr. 7-9; Verklaring gemengd gehuwden september 1942; Gezinskaart; Mededelingen Max Olij, februari 2001