Sanders (Harry)

Laatste wijziging: 4 mei 2016

Echtpaar Harry Sanders (Zutphen, 11-7-1915 – Aalst-Waalre, 14-11-2000) en Sella Sanders-van Straten (Amsterdam, 15-4-1917 – Amsterdam, 2-11-2014)1

De Zaandamse tandarts Dirk Frederik Veldkamp (Ede, 14-9-1913), die op de Stationsstraat 100 woonde, behandelde tijdens de oorlog diverse joodse patiënten uit de regio. Een van hen was ingenieur Harry Sanders uit Wormer.

‘Jodenster’

Net als de andere joden in de Zaanstreek werd Sanders gedwongen om voorjaar 1942 naar Amsterdam te verhuizen. Voor Wormer was de vertrekdatum 22 april. Omdat de Duitsers in juni 1942 voor joden een reisverbod uitvaardigden, kon hij niet meer langs bij Dirk Veldkamp. Bij zijn laatste bezoek had Harry de verplichte jodenster gedragen. Veldkamp vroeg hem na de behandeling even mee naar boven te komen en zei hem: “Waarom doe je die ster niet af?” Harry antwoordde: “Zo eenvoudig gaat dat niet.” De tandarts verzekerde hem toen dat hij om hulp kon vragen als dat nodig was.

Verblifa

In september 1942 moesten Harry en Sella, die in mei met elkaar waren getrouwd, onderduiken. Ze verbleven drie maanden bij een arbeider van de Verenigde Blikfabrieken (‘Verblifa’) die in Wormer woonde, totdat de risico’s daar te groot werden. Daarop reisde Harry met een vervalst identiteitsbewijs en zonder ster naar zijn tandarts en zei dat hij een nieuw onderduikadres nodig had. Dirk Veldkamp vroeg zijn echtgenote, Carolina Wilhelmina van Ginkel (Zeist, 9-4-1906), of ze iets aan de problemen van het stel konden doen. “Laat maar komen”, antwoordde Carolina. Zo geschiedde.

Veldkamp

Bij hun aankomst in Zaandam -het liep tegen Kerstmis- beseften de Veldkamps dat Harry en Sella sinds hun huwelijk nog geen ogenblik alleen waren geweest. Daarop vertrokken ze meteen voor een korte vakantie, op die manier het jonge stel wat privacy gunnend. Hun dienstmeisje Greet was uiteraard op de hoogte. Ze wist van optreden. Als er Duitsers aan de deur kwamen zei ze: “Schoenen uit en mond dicht. Anders wacht u maar buiten.” Veldkamp had een ‘open deur’. Er kwamen steeds mensen binnen die om hulp of een slaapplaats vroegen. Hij was tevens betrokken bij het vervalsen van documenten. Meestervervalser was Frans Meijers, een lid van de (grotendeels joodse) PP-groep. Daarmee hadden ook Harry en Selma contact. De Zaandamse apotheker Ringeling zat eveneens in het complot. Hij moest bijvoorbeeld het velletje lichten dat op het persoonsbewijs over de vingerafdruk zat.

Treincontrole

Het echtpaar Sanders zat tijdens de oorlog ook op andere plekken ondergedoken, maar hun trait d’union was het huis van Dirk en Carolina Veldkamp. Harry zag er overigens niet erg joods uit. Sella wel, maar zij bleekte het haar. Sella werd in het voorjaar van 1943 in de trein gecontroleerd. De controleur keek haar lang aan en zocht het nummer van haar persoonsbewijs op in het gele boek waar de gegevens van de Rijkscentrale voor bevolkingsregisters in stonden. Alles klopte. Medereizigers zeiden haar: “Hij moest u wel hebben.” Sella gebruikte het persoonsbewijs van haar beste vriendin, Cornelia Souwtje (‘Corrie’) Ziegeler-Touw. Die had haar dat gewoon gegeven toen ze er in 1943 om vroeg en nooit verlies of diefstal gemeld bij de gemeente. Veel anderen, met een slechte vervalsing of meer pech, werden bij treincontroles gepakt. Harry kreeg als schuilnaam ‘Pieter Johan Buiteman’.

Lees meer

Minister-presidenten

Jan Willem Meijer Ranneft (1887-1968) verbleef na zijn ontsnapping uit gijzelaarskamp Sint Michielsgestel eveneens bij de Veldkamps. Hij vergaderde er over de toekomst van Nederland met de latere minister-presidenten Willem Drees (1886-1988), oud-gijzelaar in Buchenwald en Sint Michielsgestel en leider van de illegale SDAP, oud-gijzelaar Willem Schermerhorn (1894-1977) en Joop den Uyl (1919-1987), ministerie-ambtenaar en medewerker van de Parool-groep. Dirk Veldkamp was sociaal-democraat, en tevens vrijmetselaar.

Mariënwaardt

Het echtpaar Sanders was een tijd ondergedoken op het landgoed Mariënwaardt te Beesd, eigendom van de familie Van Verschuer.2 In het hoofdgebouw, het Grote Huis, waren vanaf najaar 1943 evacués uit Scheveningen ondergebracht, bewoners van een rusthuis. Het kustdorp lag op de lijn van de Atlantikwall en was ontruimd. Harry hoorde in de trein toevallig praten over een NSB’er in Beesd die wist dat in het kasteel joden zouden zijn ondergedoken. Toen Harry zijn koffer op de zolder ging halen, zag hij hoofden verschijnen van andere onderduikers. Het was voor hem een reden temeer om snel te verdwijnen. Enkele dagen later volgde er een inval en werden de onderduikers afgevoerd. Volgens mr. O. Baron van Verschuer, zelf elders ondergedoken, werden de joden ontdekt toen de vijand alle lichten in het huis aandeed en sommige ramen donker bleven.

Eindhoven

Via een studievriend van Harry vonden zij onderdak in Eindhoven. Even voordat Eindhoven bevrijd werd, op 18 september 1944, vroeg het verzet het echtpaar Sanders naar Amsterdam te gaan. Op de Bethaniëndwarsstraat 9 was een joods meisje ondergedoken dat niet alleen kon blijven. De woning was van Antoinette (Troost)-Wentholt3 (1922), een schilderes en tekenares. Fika ten Holt zorgde voor de etensbonnen en distributiekaarten. Hier dook een keer Hannie Schaft op, omdat Philine Polak bij hen woonde, een medestudente die in 1943 bij Hannie was ondergedoken. Sella was verontwaardigd over de manier waarop Hannie rondreed. “Ze had net iemand bij Halfweg neergeschoten, maar het verzet liet haar op een fiets met houten banden rijden.”

Amsterdam

Beschermd door hun valse persoonsbewijs gingen Harry en Sella gewoon naar buiten. Sella met geblondeerd haar en in verpleegstersuniform, op een fiets met een rood kruisje. Harry hielp bij een boekhandel. Op 4 mei 1945 was Dirk Veldkamp bij hen. Hij kreeg tijdens een zware diarreeaanval het beetje Imodium-poeder dat Sella nog had. Samen gingen ze naar het Binnengasthuis voor het laatste nieuws. De radio liet het ‘Oranje Boven’ horen. De oorlog was voorbij. De volgende dag vierden ze samen feest in Amsterdam. Maar er waren nog overal Duitse militairen. Die openden op 7 mei ’s middags het vuur op de menigte die op de Dam feestend wachtte op de Canadezen. Harry en Sella vluchtten terug naar de Bethaniëndwarsstraat. De eerste geallieerde eenheden kwamen pas ’s avonds laat Amsterdam binnen, de Canadese hoofdmacht de dag erna.

Vervolg

Directeur Van der Waarden van de Vereenigde Blikfabrieken bood Harry Sanders vijf dagen na de bevrijding een directiefunctie aan in Delft, maar Sanders achtte zich te onervaren. Later dat jaar vond hij werk bij Philips in Eindhoven, als ingenieur bij de röntgenafdeling. Het echtpaar kreeg drie kinderen. Harry Sanders overleed op 14 november 2000 in Aalst-Waalre. Dirk Frederik Veldkamp was van 1970 tot 1983 hoogleraar Conserverende Tandheelkunde in Groningen.4

Zie ook Harry Sanders* in Wormer.

Voetnoten

1 Rechtvaardigen onder de Volkeren; Mededelingen van Sella Sanders-van Straten en Ingrid Veldkamp uit Amsterdam (november 2006), Femmy Pauptit-Ziegeler (23-11-2010) en Karel Meijers (1-11-2009); Correspondentie van burgemeester Kooiman uit 1942 (Waterlands Archief, Wormer); Adresboek voor de Zaanstreek 1941

2 Brief van mr. O.W.A. Baron van Verschuer (4-12-2006)

3 http://www.rkd.nl/rkddb/default.asp?action=deepLink&database=ChoiceArtists&%250=83612

4 www.rug.nl/museum/galerij/portretten/faculteit/med