Wijnperle (Isaäc)

Laatste wijziging: 6 mei 2016

Echtpaar Isaäc (‘Jacques’) Wijnperle (Amsterdam, 2-1-1897 – Laren, 11-2-1978) en Mietje (‘Mimi’) Wijnperle-Frank (Hilversum, 22-3-1897 – Amsterdam, 16-6-1958)1

Jacques en Mimi Wijnperle woonden sinds september 1939 in de Den Texstraat 45 hs. in Amsterdam. In 1943 doken ze onder op een boerderij aan het Blauwe Arendspad 1, waar Anna Elisabeth (‘Anne’) Brinkman-Graauw (Zaandam, 18-3-1894 – Zaandam, 22-4-1969) en veehouder Gerrit Jan Brinkman (bijnaam ‘Dikke Gerrit’, Zaandam, 22-2-1897 – Zaandam, 30-5-1959) de zorg voor hen op zich namen. Mimi bracht daarnaast ook nog enige tijd door op nummer 10, bij het echtpaar Van Born-Veenman, en vanwege huiszoekingen op nog twee andere adressen. Ook Jacques moest een keer vanwege gevaar verhuizen.

Joodsche Raad

Toen in Amsterdam de Joodsche Raad werd opgericht, in februari 1941, kreeg Jacques Wijnperle er een baan als inspecteur bij de commissie financiële aangelegenheden. Per 17-2-1943 werd hij ‘afdelingschef’ bij de Joodsche Raad. Onbekend is wat hij in die functies moest doen. Jacques Wijnperle was onder meer vertegenwoordiger in textiel geweest. Veel functies werden gecreëerd om aan deportatie te ontkomen. Maar op 21 mei 1943 kreeg de leding van de Joodsche Raad te horen dat zevenduizend medewerkers hun vrijstelling verloren en moesten vertrekken. Het leidde tot de grote razzia’s van 26 mei en 20 juni. Bij de laatste grote razzia in Amsterdam, op 29 september, werd ook de leiding van de raad naar Westerbork vervoerd.

Jol

Het is niet duidelijk hoe het echtpaar Wijnperle terechtkwam op hun onderduikplek in Zaandam. Op zijn eerste dag in Zaandam nam Gerrit Jan Brinkman Jacques Wijnperle, een normaliter vrolijke en aimabele man, in een jol mee naar het Westzijderveld. Daar kon hij wat bijkomen van alle emoties en kon Brinkman hem geruststellen. Hun dochter Rebecca was ergens in Zuid-Holland ondergedoken.

‘Ome Jacques’

Trien van Til-Duijs, die op het nabijgelegen Zaandamse adres Schiermonnikoog 40 woonde, heeft haar ervaringen met het echtpaar vastgelegd op schrift. Dat ‘ome Jacques’ of ‘ome Sjaak’, zoals zij en andere buurtbewoners hem noemde, met zijn vrouw op een boerderij in de buurt zat, was het echtpaar Van Til bekend. Ze brachten de twee soms wat lectuur. Op een avond werd er na spertijd zacht op de deur van Schiermonnikoog 40 geklopt. “En daar stond hij. De ondergedoken jodenman, van het padje verderop. Ondergedoken in een boerderij, waar hij het leven leidde van een echte boer”, aldus mevrouw Van Til. Op die boerderij woonden Anne en Gerrit Brinkman met zijn ouders. Ze maakten deel uit van een gereformeerd netwerk dat tal van onderduikers hielp. In dat netwerk speelden meer Zaanse leden van de familie Brinkman een belangrijke rol.

Lees meer

Overall

Dat Jacques Wijnperle in Zaandam een boerenleven leidde wordt bevestigd door Rie Brinkman, die hem leerde kennen toen ze een tiener was. ‘Ome Sjaak hielp volop mee op de boerderij en wilde graag een overall. Die was toen niet zomaar te vinden, zeker niet in zijn forse maat: hij was nogal groot en stevig uitgevallen en paste ook niet in de werkkleding van mijn toch verre van slanke vader. Geen nood: oom Sjaak was ook vertegenwoordiger in textiel geweest. Even een briefje via via naar een hem bekend fabrikant in Brabant en niet veel later werd er een groot pakket afgeleverd met stevige grijze stof, waaruit mijn moeder snel een keurige maat-overall toverde.”

NSB’er

Ze vervolgt: “De voornaamse taak van oom Sjaak bestond uit het uitmesten van de poepgroepen in de twee stallen en die mest ’s winters met een kruiwagen naar de mesthoop rijden, of als er geen ijs was de mest per plat naar het Westzijderveld varen en daar legen. Hiervoor moest hij wel elke keer door de sloot langs de Provincialeweg varen, waaraan ook een NSB’er woonde. Maar alles verliep zonder problemen. Hij hielp ook mee met het hooien. (…) Een andere keer was hij alleen in de buurt van de plat, waarop enige kinderen van oom Cor [Schortinghuis] aan ’t spelen waren. Tot kleine Dirkie er vanaf viel, in het water van de Balksloot verdween en daar tot grote schrik van oom Sjaak niet meer boven kwam. Maar, oh wat een wonder, hij kwam boven aan de andere kant van de plat, waar hij door oom Sjaak snel gezond en wel uit het water werd gevist.”

Gezin Brinkman

Jacques en Mimi waren op 23-10-1919 getrouwd in Hilversum. Het zilveren bruiloftsfeest van het echtpaar werd in 1944 gevierd in het bijzijn van hun bij de familie Van Til ondergedoken dochter Rebecca*, die toen in de buurt haar onderduikplek had, bij de familie Van Til. Als er een razzia dreigde, werden ze gewaarschuwd door de Koogse politieman Klaas van Doeland. Rie Brinkman: “Oom Sjaak zat eens de hele nacht met een wollen deken om zich heen voor het voorkamerraam, met onder handbereik een bezem om mijn ouders, zodra er onraad was, via de houten zoldering wakker te tikken. In de houten vloer onder het vloerkleed was een luik gezaagd, waaronder hij dan kon verdwijnen en naar het andere eind kruipen, waar tegen de keldermuur een houten vlonder met hooi of stro lag. Het bleek gelukkig niet nodig.”

Van Born-Veenman

Mimi Wijnperle bracht ook nog enige tijd door op een bovenkamertje bij Grietje van Born-Veenman (1901) en haar echtgenoot (1897), die op het Blauwe Arendspad 10 woonden. Volgens buurman Cor Schortinghuis was het een lastige, veeleisende onderduikster. Rie Brinkman bevestigt dat: “Dat ze, als we varkensvlees aten, daarvan geen jus wilde, was niet erg, eerder te respecteren. Een bakje boter was snel bruingebraden. Het viel echter niet mee om vanuit een groot huis komend zich nu te moeten behelpen met een smal zijkamertje, waarin naast een antiek kastje, een standaard met lampetkan en een simpel rek als hangkast, alleen nog ruimte was voor een zogenaamde ‘twijfelaar’, waarin ze samen met een nogal fors uitgevallen echtgenoot moest proberen te slapen.”

Blauwe teen

Er waren meer problemen: “Ze voelde zich steeds minder goed en was ervan overtuigd dat ze, vanwege een helemaal blauw geworden zere grote teen, kanker had. Dokter van Dam moest er thuis aan te pas komen om haar op dat punt gerust te stellen. Na enige tijd werd blijkbaar besloten dat ze beter af zou zijn om ergens anders te slapen.” Ze verhuisde eerst naar het Blauwe Arendspad 10 en kwam daarna een week terecht bij Jan Schaap en Grietje van Zaane in de Kramerstraat 11, de ouders van Rie Brinkmans schoolvriendinnetje Rie. Die beschikten over slechts twee slaapkamers. Daarom werden hun beide dochters tijdelijk bij de familie Brinkman ondergebracht. Rie Brinkman: “Juist in die periode werd er in de Kramerstraat een razzia gehouden. Tante Mimi kon via een klein raam op de overloop op het dak van de schuur komen, waar ze gehurkt tegen de muur gedrukt aan de razzia ontsnapte.”

Bloemgracht

Na een week bij het echtpaar Schaap ging Mimi Wijnperle door naar de Bloemgracht 34, eveneens in Zaandam. Daar woonde een zwager en een zuster van Anne Brinkman, Johan en Marie Logjes-Graauw. Rie Brinkman: “Tijdens haar verblijf op Bloemgracht 34 werd ook daar een razzia gehouden, op zoek naar onderduikers. Alle vrouwen werden naar de Burcht gedreven, waar ze urenlang moesten blijven staan.” Dat moet in februari 1945 zijn geweest, toen in Zaandam-Zuid een grote mensenjacht plaatsvond in reactie op de aanslag op een collaborerende politieman. “Mijn tante Marie Logjes-Graauw en tante Mimi waren ongeveer even groot, hadden ook bijna dezelfde kleur haar en zouden voor zussen kunnen doorgaan. Verborgen onder grote hoofddoeken vielen ze niet op en ontsnapte tante Mimi opnieuw aan een arrestatie.”

Familie Van der Bijl

Ook voor Jacques Wijnperle werd het nachtelijk verblijf bij de familie Brinkman te gevaarlijk. Vanwege mogelijke huiszoekingen verhuisde hij naar de overkant, naar de familie K. van der Bijl op het Blauwe Arendspad 26. Overdag werkte hij wel als vanouds op de boerderij bij de familie Brinkman. Er volgden inderdaad één of twee huiszoekingen bij de Brinkmans, maar die liepen met een sisser af.

Radio Oranje

Jacques Wijnperle verliet nog wel eens zijn onderduikadres om aan het begin van het Blauwe Arendspad bij de buren naar Radio Oranje te gaan luisteren. Hij was goed in buitenlandse talen en had een prima geheugen. Na afloop van de uitzendingen deed hij altijd uitgebreid verslag van hetgeen hij had gehoord. Op een of andere manier had hij een grote kaart van Europa geritseld. Daarop werd met spelden en gekleurde draden de voortgang van de oorlog na de geallieerde invasie bijgehouden. Rie Brinkman: “Totdat het grote nieuws kwam: Duitsland capituleert! Ik zie nog voor me hoe ome Sjaak op zijn leren klompsloffen het pad af kwam hollen, al juichend en met tranen in zijn ogen roepend ‘We zijn vrij, we zijn vrij!’.”

Na de oorlog

Vader, moeder en dochter Wijnperle overleefden allen de oorlog. Het duurde nog een paar weken voor ze in Amsterdam woonruimte vonden en konden vertrekken. Gerrit Jan Brinkman had huisschilder Dekker, die vlakbij woonde, gevraagd om een schilderij te maken waarop het Blauwe Arendspad in zijn volle glorie te zien was. Rie Brinkman: “Om Sjaak was bij de overhandiging in bijzijn van alle betrokkenen tot tranen toe bewogen.” In augustus 1945 verwierven Jacques en Mimi woonruimte aan de Vaartweg 68a in Hilversum. Vier maanden later waren ze terug in Amsterdam, waar ze gingen wonen aan de Weteringschans 249 I.

Schouwburg

Het echtpaar Wijnperle vergat hun helpers niet. Toen op 1 januari 1946 voor het eerst sinds de oorlog de Gijsbrecht van Aemstel werd opgevoerd in de Amsterdamse Stadsschouwburg schonken ze alle dames die hen in de voorgaande jaren onderdak gaven een entreekaartje. Ze regelden ook dat ze met de taxi heen en terug werden gebracht. Het cadeautje was bestemd voor Anne Brinkman, Marie Logjes, Na van der Bijl en Trien van Til.

Contact

Ook nadien bleef er contact tussen de Brinkmans en de Wijnperles. Mimi overleed in juni 1958. Rie Brinkman: “Bij de begrafenis van tante Mimi (ze overleed uiteindelijk toch aan kanker) werd mijn vader door oom Sjaak uitgenodigd om op het graf het eerste schepje zand te strooien, wat als een hele eer moet worden beschouwd. Onbekend met dit ritueel stak mijn vader de schep zo diep mogelijk in het zand om een zo groot mogelijke hoeveelheid zand weg te werken. Het was goed bedoeld en zal hem door oom Sjaak vast niet kwalijk genomen zijn.” Jacques Wijnperle hertrouwde in januari 1960, met Anna Paulina Zeldenrust (Antwerpen, 20-12-1904).

Voetnoten

1 Gemeentearchief Zaanstad, archief Jan Bruin, doos A3-011; www.joodsmonument.nl; Informatie van Albert Brinkman (29-3-2013), Cor Schortinghuis (11-4-2013) en Rie Brinkman uit Zaandam (13-9-2013), Nieuw Israëlietisch Weekblad (20-6-1958 en 17-2-1978); Stadsarchief Amsterdam, gezinskaart; Het geslacht Brinkman in de Zaanstreek